Ik ging met mijn vrouw mee schoenen kopen. ‘Moet ik mee?‘, vroeg ik nog. ‘Nee, hoeft niet, maar ik zou het wel fijn vinden als je meeging‘, antwoordde ze. Dat is vrouwentaal voor: ‘Ja, je moet mee.

Ik voel me altijd zo’n lulletje lampekatoen in de schoenenwinkel. In een kledingwinkel trouwens ook. Soms heb ik een bui waarbij ik heel demonstratief op het wachtbankje blijf zitten. Een andere keer loop ik haar overal in de winkel achterna alsof ze stroop aan de kont heeft. Ik zie dat andere mannen ook vaak doen. Soms wisselen we dan blikken uit. Wederzijds medeleven is dat. Wetend van elkaar dat we sukkels zijn.

Als ze er om vraagt, help ik haar zoeken. Waarom weet ik ook niet. Mannen kunnen helemaal geen kleding voor vrouwen uitzoeken. Bij herenkleding is alles simpel. Ik zie meteen of iets een broek of een shirt is. Maar bij vrouwen kan het zoveel meer zijn. Rok, jurk, broekpak, jumpsuit, tuniek, tankini, legging, tregging, weet ik veel hoe al die stukjes stof heten. Zelfs bij de kleding die ze al heeft, weet ik dat niet. Dan zit ze op bed te turen naar haar garderobekast. ‘Ik heb geen mooie kleren meer, weet jij wat ik aan kan doen?‘ Maar ik zie alleen stapeltjes stof en weet bij god niet welke een shirt is en welke een jurk. Iets aanwijzen is kansloos. Het is altijd te zomers, te warm, te koud, te bloot, te netjes, te kleurrijk of te saai. Of ze heeft er geen schoenen bij. Zoals in dit geval.

Dus waren we in de schoenenwinkel. Waar ik me zoals altijd voor nam om goed te helpen. Niet als een zoutzak gaan zitten en met mijn mobieltje pielen, maar geïnteresseerd kijken, meedenken en mijn mening geven. En ik doe mijn best ook wel, maar heeft allemaal zo verdomd weinig zin. Als het om vrouwenkleding gaat, heb ik helemaal geen mening. De reactie die ik geef als mijn vrouw uit de paskamer komt, is afhankelijk van te veel factoren. Of ik honger heb, of dorst, of zere voeten, of hoofdpijn. Maar ook hoe duur het is, in hoeveel winkels we al geweest zijn, of er andere mooie vrouwen in de winkel zijn, hoe laat de voetbal begint, etc. Wat ze aanheeft, speelt niet zo’n grote rol.

Ze is wel geslaagd trouwens. Mooie zandkleurige pumps. Blijkbaar heb ik over die schoenen gezegd dat ik ze mooi vond. En dat vind ik deze keer ook écht. Of ik had het warm. Of dorst… Maar geslaagd is geslaagd. En nog een winstpunt: Misschien neemt ze na deze column de volgende keer gewoon weer een vriendin mee.