Archief | verwondering RSS feed for this section

Sorry jongens

25 mei

Ik ben een weekendje weg met de kameraden. Mannenweekend. Als je dit op zaterdag leest, zit ik op een quad of een mountainbike in de Ardennen. Met laarzen, een winterjas en een regenpak. Mijn vrienden zijn boos op mij omdat ik ze met een slaapzak op de grond heb laten slapen. Hun piemel is in de nacht van vrijdag op zaterdag bevroren.

Ons mannenweekend wordt elk jaar door een ander georganiseerd. Het mooiste is om het zo lang mogelijk geheim te houden. Dit jaar was het mijn beurt. Toen de datum op eind mei uitkwam, droomde ik meteen van een zonnige camping. Samen ontbijten onder de luifel van mijn vouwwagen en in de middag een potje flesjesvoetbal. Of lekker hangen bij het buitenzwembad. Toen ik in december de website van Panoramacamping Petite Suisse bekeek, liep het kwijl in kleine stroompjes uit mijn mondhoeken.

In mei is het altijd lekker weer. De afgelopen drie jaar was mei zelfs de lekkerste maand van het jaar. Misschien hoeven we niet eens kleding mee te nemen. Alleen slippertjes en een zwembroek. Net als op zomervakantie. Waarom zou je in augustus naar Chersonissos gaan, als je in mei naar de Ardennen kunt. Mijn idee was briljant. Mijn vrienden zouden me het volledige weekend op handen dragen. In eerdere jaren hadden zij huisjes geregeld in Giethoorn, Volendam, Eindhoven en meer van die laffe locaties. Ik noem het een gebrek aan originaliteit.

De mannenweekendjes zijn de afgelopen vijftien jaar flink geëvolueerd. Het draait niet meer alleen om drinken. Zoals die keer dat we een drankspelletje deden. Ingrediënten: acht keurige jongens, twee dobbelstenen en veel sterke drank. We waren leuk aan het dobbelen en ineens werd ik wakker. Op mijn onopgemaakte bed, in spijkerbroek. Ik had één contactlens in. Alle flessen drank waren leeg en mijn vrienden lagen bezaaid door het huisje. Later hebben ze daar nog een film over gemaakt. Alleen bij ons was er geen tijger in de badkamer.

Terug naar mijn briljante idee. Geen zuippartijen meer in huisjes nu, maar sportief de natuur in. Tien dagen vantevoren besloot ik alles uit de doeken te doen. Ik keek nog snel even op weeronline.nl en zag een zonnetje en twintig graden. Toen wel. Mijn mail aan de jongens eindigde dan ook met: ‘neem je zwembroek mee!’. En wat waren ze enthousiast. Kamperen in een vouwwagen. Het beste idee van Nederland. Niets kon nu nog mis gaan. Ik besloot het campingwinkeltje nog even te bellen of ze ook luchtbedden hebben voor in het zwembad. “Opblaaskrokodillen zegt u? Ook plezant. Leg er maar acht klaar.”

Misschien mag ik het weekendje nooit meer regelen. Ze zijn allemaal kwaad op mij. Woest. Ik had toch na kunnen gaan dat het eind mei hagelt, nattesneeuwt en ‘s nachts vriest. Hoe ik het in mijn hoofd kon halen om in het staartje van de lente te gaan kamperen. Wat er mis was met een gewoon huisje. Met een bank en een televisie. Ik moest zonodig iets bijzonders doen. Vanavond gaan we niet eens uit. Niet omdat er in de Ardennen geen fatsoenlijk uitgaansleven is, maar omdat we met een bevroren piemel niet weg kunnen. Sorry jongens.

De klapperrrrrrrrrr van de week

18 mei

Ik las dat de Free Record Shop aan een zijden draadje hangt. Hebben ze nog lang volgehouden. Wie koopt er nou nog cd’s? In Raalte zit ook geen cd-zaak meer. Volgens mij zaten er op het hoogtepunt nog drie. Drie! In ons kleine dorpje.

Ik kwam er vroeger vaak. Na Jamin was het mijn lievelingswinkel. Uit school op mijn fietsje naar het dorp en dan op een soort barkruk luisteren naar Top 40-muziek. Er hingen vijf koptelefoons aan een snoer en als je een cd wilde luisteren, kon je vragen of ze hem effe op konden zetten. Ik koos altijd voor een verzamelalbum met muziek uit de hitparade. Greatest Hits, Now Dance, YabbadabbaDance. Nummers die ik de godganse dag al op de radio hoorde, ging ik dan in de cd-winkel nog een keer luisteren.

Ondertussen bladerde ik de Top 40 door. Want daar ging het eigenlijk om. Soms had ik weinig tijd en griste ik alleen snel het blaadje mee. Voor thuis. Ik kon uren staren naar stijgers, zakkers, superstippen en zittenblijvers. Als ik in bed lag, deed ik altijd met mezelf een spelletje: uit mijn hoofd zoveel mogelijk platen op de juiste positie in de Top 40 raden. Ik was een jaar of vijftien en ik denk dat de meeste tieners andere spelletjes met zichzelf deden, maar voor mij was zo’n Top 40-blaadje mooier dan de Playboy.

De muziek in mijn hoofd heeft me op school gênante situaties opgeleverd. Ik was altijd een beetje een dromer. Lette ik even niet op en dan vroeg de meester ineens: ‘Rick, het antwoord op nummer 3 graag.’ En dan zei ik: ‘Dr. Alban meneer, met It’s My Life.’ Soms vulde ik het aan met extra informatie: ‘Het is een zingende tandarts uit Zweden. Zijn vorige single heette No Coke, maar die werd niet zo’n grote hit als It’s My Life, die zeven weken op nummer één heeft gestaan, maar deze week zijn plaats moest afstaan aan No Limit van 2 Unlimited.’ Ik kon er niets aan doen. De Top 40 was mijn leven.

Mijn beste vriend was in die tijd ook een hele rare. Die kon niet zo goed nummertjes onthouden als ik, maar had zijn eigen hobby. Onder zijn bed had hij geen Playboy en geen stapel Top 40-blaadjes, maar een schriftje. Daar schreef hij de raps van Ray Slijngaard van 2 Unlimited in. Fonetisch, zodat hij makkelijk mee kon rappen. Hij heeft dat zo vaak geoefend dat hij nu, zo’n twintig jaar later, nog moeiteloos alle nummers van 2 Unlimited mee kan rappen. Je hebt er verder niks aan, maar het is toch knap. Had ik al verteld dat we allebei weinig vriendinnen hadden vroeger?

Inmiddels maakt de Top 40 geen onderdeel meer uit van mijn leven. Het mag niet meer van mijn vrouw nadat ik tijdens de seks een grapje had gemaakt over de hoogste nieuwe binnenkomer. Bovendien vond ze het erg storend dat ik iedere keer een Top 40-artiest noemde als ze vroeg: ‘waar denk je aan?’. Mijn vriend is nog niet helemaal afgekickt. Die ging laatst tijdens een sjiek diner ineens staan om Tribal Dance te rappen. Zonder spiekschriftje. Maar helaas ook zonder aanleiding. Ik hoop dat z’n vriendin geduld met hem heeft. Het is geen slechte jongen.

Nu het er naar uitziet dat Free Record Shop gaat sluiten, groeien mijn kinderen op zonder cd-winkels in het straatbeeld. Godzijdank. Ze zijn gered.

Kleine mannetjes

11 mei

Waar moet je over schrijven in een week waarin twee jongetjes spoorloos zijn verdwenen? Iedereen weet waar het over gaat als je praat over ‘de twee broertjes’. Ik moet er vaak aan denken. Misschien omdat ik zelf vader ben van twee kinderen. Ik ben ze ook wel eens kwijt geweest. Meerdere keren zelfs. Langer dan twee minuten heeft het niet geduurd, maar de paniek is al snel groot.

De broertjes zijn iedere dag nieuws. Slecht nieuws, want elk uur dat voorbijgaat, wordt de kans dat de jongens nog leven kleiner en kleiner. En toch zie ik ze in gedachten bij elkaar zitten in het bos. Trillend, maar levend. Angst door wat ze gezien hebben, houden ze zich verscholen in een soort vossenhol of onder een holle boom. Ze hadden als echte broers meestal ruzie, maar nu hebben ze steun aan elkaar. Naar boven, naar de boze buitenwereld, durven ze niet meer.

Het is een naïeve gedachte die waarschijnlijk gevoed wordt door flarden uit boeken die ik ooit las en films die ik ooit zag. Thrillers op papier en beeld die bijna altijd goed aflopen. En zelfs als ze niet goed eindigen, blijft het een verhaal. Verzonnen door een creatieve geest en bedoeld om de lezer of kijker te vermaken. Hoe contrasterend is echter de werkelijkheid. Geen werk van een creatieve, maar van een zieke geest.

Wat is er in godsnaam met die broertjes gebeurd? Heel Nederland wil het weten. We zoeken mee en treuren mee. Ondertussen bedankt de moeder op Facebook iedereen die op zoek is naar ‘haar kleine mannetjes’. Haar woordkeuze maakt het nog hartverscheurender. Kleine mannetjes die haar morgen geen ontbijt op bed geven. Geen zelfgemaakte knutselwerkjes waar ze op school weken aan gewerkt hebben. Moederdag was voor haar nog nooit zo leeg.

Waar moet je over schrijven in een week waarin twee jongetjes spoorloos zijn verdwenen? Iedereen weet waar het over gaat als je praat over ‘de twee broertjes’. Ik moet er vaak aan denken. Kinderen geven je het allergrootste geluk in het leven, maar ook het allergrootste verdriet.

Zielepoot

4 mei

Beste Gordon,

Hierbij reageren wij even op je open brief in de media. Wij lezen dat je mentaal gebroken bent. Jammer voor je joh. Wij komen net weer een beetje tot rust. Jarenlang moesten wij jouw puppies zijn. Jouw wagonnetjes. Jouw podiumvulling. Altijd moesten we braaf om je heen staan bij al die kutfoto’s. Mensen mogen nu best weten dat we eerst met vier waren, maar dat jij er eentje bij wilde omdat je anders niet in het midden kon staan. Roy kan godverdomme niet eens zingen. Hij is kapper. Maar hij moest er bij voor het plaatje.

Gordon, je kunt nu wel heel zielig gaan doen, maar als er iemand zielig is, zijn wij het. Weet je wel hoe vermoeiend het is om drie jaar te faken dat je iemand grappig vindt? Altijd maar weer aan je vinger moeten trekken voordat je een scheet laat. Iedere keer voor een optreden verplicht de herhalingen van Over De Vloer kijken. En voor Peter was het helemaal erg. Met al je ‘grapjes’ over zijn lange haar. Misschien vinden je fans dat leuk, maar diezelfde fans vinden Zanger Rinus ook leuk. En Geert Wilders. En Johan Vlemmix.

In je brief geef je verder aan dat je diep geraakt bent. Hoor je wat je zegt Gordon? Diep geraakt? Weet je onze eerste kennismaking nog? We mochten alleen jouw Voices worden als je ons diep mocht raken. Remko heeft zes weken daarna niet kunnen lopen en Richy heeft nog steeds pijn bij het poepen. Dus ga ons nou niet vertellen wie hier het diepst geraakt is, want dat verlies je.

We lezen ook dat je het vervelend vindt dat we nooit gevraagd hebben hoe het met je ging na je herstelperiode. Ons antwoord daarop is: welke herstelperiode? Kom op man Gordon, we kunnen toch niet aan de gang blijven. Je bent altijd ziek, zwak en misselijk. Al-tijd. En we hebben nooit moeilijk gedaan over je levensstijl. Als jij iedere avond twee pakken boekweitmeel wegsnuift, drie flessen champagne drinkt en je paard elke nacht ergens anders laat grazen, moet jij dat weten. Maar de volgende dag moet je niet zeiken. Trouwens, dat ‘s avonds een vent, ‘s ochtends een vent is een uitdrukking. Dat moet je niet letterlijk nemen lul, daar krijg je Chlamidya van.

Zijn we klaar? Bijna. Gordon, fijne ex-collega. Je wilde met je open brief Nederland graag laten zien hoe het allemaal volgens jou gegaan is. Maar Gordon, fijne ex-collega (dat schrijft zo lekker, daarom twee keer), in jouw brief staat zevenenveertig keer het woordje ‘ik’. Zevenenveertig! Gordon, je bent een zielepoot.

Los Angeles The Voices
(niet meteen weer een factuur sturen, de naam veranderen we echt nog)

NOS, bedankt

30 apr

Hoera, er is een nieuwe koning. En een abdicatie is weliswaar geen voetbalwedstrijd, maar er moet natuurlijk wel nabeschouwd worden. En man man man, wat was dat genieten. Ik zag een vlekkeloze analyse van twee NOS-medewerkers en twee vrouwen die niemand kent. Zelden zo’n mooi stukje televisie gezien.

Het boek
“Zag u het ook dames en heren? Je kon goed zien dat ze moeite hadden met het boek. Dat was vrij groot en bleef niet helemaal lekker liggen. Bovendien krulde het linkeronderhoekje een beetje om. Ze hadden duidelijk 120 grams papier gebruikt en dat had natuurlijk 180 grams moeten zijn. Jammer. Ook zag je Beatrix vol afschuw kijken naar de handtekening van Mark Rutte. Die had zijn vulpen lek en maakte er een grote smeerzooi van. Premier-onwaardig. Gelukkig hebben we het moment van ondertekening vanuit verschillende standpunten. Laten we eens kijken naar een andere camera. Zie je? Ander standpunt, zelfde gesmeer van Rutte. Jammer.”

De hand
“Het is bij Beatrix natuurlijk altijd een beetje zoeken naar het persoonlijke. Zo zagen we weliswaar dat ze de hand van haar zoon pakte, maar dit was overduidelijk ingestudeerd. Het stond in haar draaiboek: ‘tien punt vijftien uur, pak hand Willem’. En dat deed ze. Met een gemaakte glimlach toe. Zo jammer. Daar had ze meer mee kunnen doen. Je zag toen ook dat Willem de hand van Máxima pakte en dat was wel echt. Zijn mondhoeken krulden zeker tien procent meer omhoog dan die van zijn moeder. Een duidelijk kenmerk van authentieke emotie. Gelukkig hebben we ook dit moment vanuit verschillende standpunten. Laten we eens kijken naar een andere camera. Nee. Helaas. Ook hier weinig emotie bij de koningin. Of moeten we nu prinses zeggen. Ja dames en heren. Vanaf nu is het natuurlijk prinses Beatrix.”

De vlag
“Dames en heren, we kijken nu naar het hijsen van de vaandel. De eigen vaandel van koning Willem Alexander. Die is op details anders dan de vlag van oud-koningin Beatrix. Als je goed kijkt, staan daar vier kwastjes op. Bij Beatrix hingen die kwastjes recht naar beneden. Bij Willem is echter heel goed te zien dat de kwastjes schuin staan. Het lijkt een kleinigheid, maar het was een persoonlijke wens van Willem Alexander. ‘Ma’, zo had hij gezegd, ‘alles leuk en aardig, maar als ik koning word, gaan we wel die vlag aanpassen. Die kwastjes die zo slap naar beneden hangen, dat kan echt niet meer ma. Het is verdomme tweeduizenddertien. Ik wil dat de kwastjes op mijn koningsvaandel 25 graden omhoog staan, anders gaat het hele feest gewoon niet door.’ We kunnen de vaandel nog vanuit een ander camerastandpunt laten zien, maar ik kan u verzekeren dat deze er dan exact hetzelfde uitziet.”

NOS, bedankt. Zelden zo’n mooie analyse gezien. Grondig en oog voor detail. Prachtig. Genieten. Ik heb het opgenomen en morgen kijk ik weer. Hoera, hoera, hoera.

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 62 other followers

%d bloggers like this: